Hof van Cassatie bevestigt: de verkeerde toepassing van de wet is wel een grond tot ambtshalve ontheffing van registratie- of erfbelasting
| Ayfer Aydogan
In een arrest van 18 juni 2024 heeft het Hof van Beroep te Gent beslist dat aan de belastingplichtige die door de slechte (i.e. verkeerde of foutieve) toepassing van de wet door VLABEL te veel registratie- of erfbelasting heeft betaald, ambtshalve ontheffing dient te worden verleend. Ons kantoor heeft in deze zaak verdedigd dat artikel 3.6.0.0.1 VCF en het daarin vermelde begrip ‘materiële vergissing’ hiervoor de wettelijke basis vormt en dit werd bevestigd door het Hof.
De verkeerde toepassing van de fiscale wet was voor de invoering van de VCF onder de toenmalige artikelen 208 W.Reg. en 134 W.Succ. een grond tot teruggave van ten onrechte geheven registratie- en successierechten. Bij de inwerkingtreding van artikel 3.6.0.0.1 VCF was het niet de bedoeling van de decreetgever om deze grond tot teruggave af te schaffen. Dit blijkt expliciet uit de parlementaire voorbereiding, net zoals daaruit blijkt dat de Vlaamse decreetgever het begrip ‘materiële vergissingen’ ruim heeft bedoeld en ook heeft bedoeld dat al wat voorheen tot teruggave leidde (met inbegrip van een verkeerde toepassing van de wet of een verkeerde interpretatie van de wet) ook tot ontheffing op grond van artikel 3.6.0.0.1 VCF kan leiden.
Terwijl VLABEL verdedigde dat de gronden tot ambtshalve ontheffing beperkt moeten worden begrepen (cfr. artikel 376 WIB92), heeft het Hof van Beroep te Gent beslist dat, gelet op de ontstaansgeschiedenis van artikel 3.6.0.0.1 VCF, mét inhoudelijke overname van de bestaande mogelijkheden tot teruggave, de begrippen in artikel 3.6.0.0.1 VCF niet zomaar mogen worden geïnterpreteerd aan de hand van de interpretatie van de begrippen gehanteerd in artikel 376 WIB92 voor de inkomstenbelastingen. Het begrip ‘materiële vergissing’ dat niet gedefinieerd is in de VCF en dat derhalve moet worden geïnterpreteerd, moet aan de hand van de parlementaire voorbereidende werken worden benaderd. Gelet op de ruime formulering van artikel 3.6.0.0.1 VCF, waaronder door de decreetgever ook de ambtshalve ontheffing wegens de verkeerde toepassing van de wet inzake successierecht was begrepen, is er geen enkele reden om deze grond tot ambtshalve ontheffing niet toe te passen in de registratiebelasting.
Gelet op de duidelijke overname van de teruggavemogelijkheden die al bestonden bij de invoering van de VCF, kan ook een rechtsdwaling in hoofde van VLABEL (die pas ontegensprekelijk wordt vastgesteld na het verstrijken van de bezwaartermijn door de wijziging van het toegepaste administratieve standpunt) tot een ambtshalve ontheffing op grond van artikel 3.6.0.0.1 VCF leiden.
VLABEL heeft een voorziening in cassatie ingesteld tegen dit arrest.
In een arrest van 2 april 2026 heeft het Hof van Cassatie het cassatieberoep van VLABEL verworpen en bevestigd dat de verkeerde toepassing van de wet wel degelijk op grond van artikel 3.6.0.0.1 VCF tot ontheffing leidt van overmatig geheven belastingen door VLABEL.
Ayfer Aydogan